Bij limieten wordt de informatie over de variabele die nadert tot een bepaalde waarde tussen accolades geplaatst, direct na lim. Voorbeeld 2 en voorbeeld 3 laten een linker- en een rechterlimiet zien.
lim{n♦-->♦inf}u_n
lim{n♦-->♦inf}(1)/(1,01^n)♦=♦0
lim{x♦vanBoven-->♦0}1♦/♦x
De spatie na 1 beëindigt de teller van de breuk. De limiet staat dus in de teller.